A fish of a lifetime!

, 2 september 2012, Reageren uitgeschakeld

Het is medio februari 2012 en na een flinke vorstperiode lijkt eindelijk de dooi in te vallen. Hier wordt dan ook erg naar uitgezien, want één ding was zeker voor de vorst ging het behoorlijk goed met de vangsten, dus met andere woorden er moest weer gevist worden. Het water waar ik op dat moment het meeste viste betrof een grote zandafgraving, dit zijn voor mij trouwens ook de wateren waar ik het liefste met doodaas aan de gang ga. Mijn ervaring met dit type water is dat er relatief weinig snoek zit maar meestal wel van een leuk formaat. Bijkomend voordeel is dat de snoeken er redelijke afstanden zwemmen om hun kostje bij mekaar te zoeken. Vooral dit laatste is een voordeel bij de statische doodaasvisserij.

Zoals zojuist geschreven heeft de dooi ingezet dus gaan we het op de zaterdagmiddag nog maar snel een paar uurtjes proberen, bij aankomst blijkt dat het water nog voor meer dan de helft dicht ligt met ijs. Dus er kan maar op een beperkt aantal stekken redelijk gevist worden, het gedeelte van het water waar ik voor de koude periode hoofdzakelijk viste ligt nog helemaal bedekt met ijs. Maar tijdens het vissen zie ik dat het ijs vrij vlot verdwijnt wat mede veroorzaakt word door de harde wind die er staat. Stiekem heb ik goede hoop dat er morgen op mijn vaste plek gevist kan worden. Deze middag vang ik trouwens een snoekbaars op een sardine van ongeveer 20 cm.

Zondag ben ik terug aan het water en ditmaal in het gezelschap van vismaat Gerard. Bij aankomst blijkt inderdaad dat mijn vaste plek ijsvrij is, dus gaan we het daar proberen. Hier weet Gerard na enkele uren een snoek te vangen van 82 cm. Deze vis is voor mij een oude bekende, ikzelf had hem voor de vorstperiode ook al tweemaal. Zelf krijg ik nog een aanbeet, maar deze weet zich van de haken te ontdoen.

Omdat het bij ons carnaval is en we beide op maandag nog vrij hebben besluiten we het deze dag nog maar eens te proberen. Dus wij op maandag weer terug naar het betreffende water. Het heeft de afgelopen nacht weer lichtjes gevroren zodat het ijs weer plaatselijk is toegenomen. Helaas ook op één van de stekken van waaruit ik vis. Hier ligt tot ongeveer een meter of acht uit de kant ijs. Na even nadenken besluit ik toch maar om met een lange tak het ijs kapot te slaan en er zoveel mogelijk stukken uit te halen. Bij de andere hengel heb ik geen last van ijs dus deze heb ik al ingeworpen met een sardine tegen helling van een plateau. Aan de andere hengel bevestig ik het staartstuk van een halve makreel met als werpgewicht een dicht feederkorfje gevuld met stukjes makreel die moeten zorgen voor een geurspoor.

Bij makreel kun je trouwens het beste de haken door de huid van de vis halen zodat deze bij het zetten van de haak ook goed vrij komen. Als ik heb ingeworpen krijg ik na ongeveer een uur een aanbeet op deze hengel, nadat ik de haak heb gezet merk ik meteen dat we met een vis uit de betere categorie te maken hebben, en als we haar dan voor de eerste keer zien zegt Gerard: “die gaat over de 120 cm”!

Pas als ze in het schepnet zit zien we de werkelijke grootte van deze vis. Snel wordt ze op de onthaakmat gelegd om haar te meten. Helaas hebben we geen weger bij ons. Als we haar meten lezen we de ongelooflijke lengte van 131 centimeter af.

Na het traditionele fotowerk en het terugzetten drinken we  eerst een mok koffie. Voor mezelf duurt het even alvorens ik de hengel weer gereed maak om mee te vissen. Later in de middag verspeel ik helaas nog een vis. De vangst van deze bijzondere vis zal voor altijd in mijn geheugen gegrift staan. Noot: een speciaal dankwoord aan Gerard voor de goede assistentie en het fotowerk.

Charles Boonen

Comments are closed.