Gesloten tijd – Gert-Jan

, 1 maart 2013, Reageren uitgeschakeld

Het is half februari, ik zit aan mijn ontbijt. Buiten zie ik wat zonnestralen door de takken komen. In de tuin scharrelen wat merels en lijsters tussen de groene puntjes van de bloembollen.

Ik hoor een koerende duif die mij aan het struinend penvissen met mijn vader jaren terug herinnert. Van 5.30 uur tot 11.00 uur vissen in het stadswater terwijl ik naar een oranje puntje tuur en alles tot leven hoor komen. Daarna naar huis voor de lunch en in de middag alleen met broodkorsten aan de gang.  Ik ben een roofvisser die vooral met dood aas aan de slag is, maar rond februari/maart, als het seizoen op zijn eind loopt, komt weer de allrounder naar boven. Dat jochie die ik jaren terug was en op alles viste wat zwom. Elk dagdeel had zijn eigen aanpak en zijn eigen vissen.

Op de karperbeurs in Zwolle was ik opzoek naar wat basismateriaal voor het doodaasvissen. Op de beurs zag ik de nodige foto’s van mooie vissen in de ochtendzon, bomen die weer groen werden en vissers in t-shirts aan de waterkant. T-shirts! Dat zou weer eens lekker zijn. Niet weer dat warmtepak en dikke laarzen aan. Gewoon op de fiets met een vest aan en op je stek in je t-shirt van de zon genieten. Dat duurt nog wel even want april kan nog frisjes zijn.

De voorbereidingen gaan binnenkort weer beginnen. Borrelende pannen met duivenvoer in de schuur, 25/00 nylon op kleinere baitrunners spoelen. Voerkorven en method feeders worden uitgezocht. Hoe zat het ook al weer met die rigjes die vorig jaar in een koffer zijn beland om maanden later weer gevonden te worden? Ook nog maar even wat informatie op internet zoeken hoe ik precies die montage moet maken.

De avonturen komen weer boven van vorig jaar. Zeelt op zoete mais, runs van 8 ponds brasems op licht materiaal en spannende bellenplakkaten rond mijn pen, of een volle fluiter op een statische hengel als toch een karper de maiskorrel heeft gepakt.

Deze brasem zorgde voor een fluitende aanbeet

Er staat dit jaar zelfs een tripje naar een karperput in Friesland op het programma. Een paar dagen bivakkeren in een tentje met emmers voer als nachtkastje, hopelijk een paar mooie vissen en de gezelligheid van mijn goedbevriende vismaat die zo’n trip maakt of breekt. Als je terugkomt van een leuke trip, maar weinig hebt gevangen dan heb je een zo’n vismaat.

Uiteindelijk rond half mei, turend naar een oranje puntje naast de lelies begin ik weer te filosoferen over de aasvissen die op de bodem liggen te wachten tot een snoek of snoekbaars trek heeft in een makkelijke hap. Of die zeildobber die de horizon probeert te bereiken en uiteindelijk schokkend ondergaat…

Die gesloten tijd is zo gek nog niet, ik heb er wel zin in.

Gert-Jan

Comments are closed.