Nederlandse dwergtarponnen

, 31 augustus 2014, Reacties uitgeschakeld voor Nederlandse dwergtarponnen

Tekst en foto’s: Gert-Jan Vermeij

Het is inmiddels alweer 1 september. Voor velen begint het alweer te kriebelen. De “R” is weer in de maand. Voor mij betekent dat het begin van het doodaasseizoen.

Off-season bijten collega doodaasvissers wat op een houtje of gaan achter andere vissen aan. Ik vis in het voorjaar en zomer voornamelijk karper, zeelt en brasem, maar zo nu en dan ga ik naar het zoute om mijn horizon te verbreden.

Dit jaar ben ik een aantal keer in de waterweg bij Rozenburg op finten wezen vissen. De fint is familie van de haring, maar zijn van wat ik heb gehoord niet zo lekker als hun neefje. De fint staat in Nederland op de rode lijst, omdat de paaiende populatie niet meer de Nederlandse rivieren kan optrekken. Dus meenemen is al geen optie.

Gert-jan met 1 fint met duim in de bek

Maar hoe kan je deze topsportvis vangen? Eerst moet je een geschikte hengel hebben. Aan een fint heb je de meeste sport aan een spinhengel van minimaal 240 cm en met een werpgewicht tussen de 40 en 60 gram. 270 tot 300 cm zou prettiger kunnen zijn als je over steenstort heen moet vissen. Deze hengel moet een snelle actie hebben met een gevoelige top zodat je je kunstaas nog goed kan voelen en op tijd de haak kan zetten. Wel moet de hengel over voldoende demping beschikken. Finten vechten hard en fel. Als je hengel te stijf is schudden en springen de finten de haak zo uit hun bek.

Op de hengel zet je een 2500 maat spinmolen. Zorg voor een goede kwaliteitsmolen die soepel draait. Je staat wel een aantal uur op zout water te werpen en je pilkertjes binnen te draaien.

Als hoofdlijn is een felgekleurde dyneema lijn van rond de 14/00 voldoende om elke Fint binnen te halen. Door de felle kleur kan je goed je lijn blijven volgen in het water. Ik zou wel een voorslag van 150 cm fluorocarbon met een dikte van 25/00 adviseren. Fint is een zichtjager en op deze manier is het laatste stuk van de lijn voor je kunstaas bijna onzichtbaar. Ook werkt de fluorocarbon als demping tijdens de worp en dril en is schuurbestendiger dan de dyneema lijn.

Het kunstaas dat het beste gebruikt kan worden zijn kleine pilkers of lepels van 12 tot 20 gram. Aan elke kleur is wel fint te vangen maar zilver, wit en chartreuse zijn de beste kleuren. Ik heb van vliegvissers de tip gehad om de dregjes van de pilkers te bekleden met chartreuse draadjes of bucktail. Deze tip bleek goud waard te zijn, want ik merkte meetbaar verschil tussen de pilkers met wit-blauwe bucktail en met chartreuse bucktail. Het verschil op één ochtend bleek 1 voor blauw-wit en 13 voor chartreuse te zijn!

close up van Fint met chartreuse haakje

foto arend met een fint waarbij de pilker nog uit zijn bek hangt

Een te zware uitrusting is zonde van de sport. Je verspeeld relatief meer vis en finten kunnen echt hard en vel vechten. Je hebt er gewoon veel meer plezier van. Na mijn eerste finttrip dit jaar was Arend ook erg enthousiast van mijn verhalen geworden. Op mijn tweede trip was Arend er ook bij. We hebben een superochtend gehad waarbij Arend ook de nodige finten wist te vangen.

We kwamen 1,5 uur voor het afgaande water al aan op de stek. Dat is in principe 1,5 uur te vroeg, want zodra de stroming er in komt gaat de fint ook op jacht. Nadat we op ons gemak de hengels in orde hadden gemaakt en wat gegeten hadden liepen we de dijk af. We zagen nog geen enkele fint jagen maar de drang om te vissen was te groot. Na een aantal worpen gemaakt te hebben kwam toch heel onverwacht een mooi beuk op mijn hengel. Doodtij en toch is de fint aan het jagen. Dit kon nog wel eens een mooie ochtend worden! Ik bleek binnen een goed half uur zeker zes finten te haken waarbij één aanbeet weel heel bijzonder was… een heuse double hookup! Ik had 50 cm boven mijn pilker een zijlijntje gemonteerd met daaraan een karperhaak versierd met chartreuse draadjes. Daar gingen de meeste finten deze ochtend trouwens voor.

foto double hookup Gertjan

Arend steenstort fint

Nadat het een tijdje stil viel begon Arend ook het spelletje door te krijgen. regelmatig stonden we tijdens de korte jaagperiodes met twee kromme hengels. Om en om vingen we vis of verspeelde ze tijdens wilde sprongen en het harde kopschudden. Maar de grote jacht die ik Arend had beloofd bleef nog uit. Dat is de periode dat je overal waar je kijkt fint ziet klappen en jagen. Als deze periode aanbreekt kan je in één worp meerdere vissen haken en verspelen. De ochtend begon al aardig op zijn eind te komen en de vangsten liepen terug. Toen kwam er over de dijk een enorme regenbui aan. Het zou ook niet meer droog worden volgens de buienradar en ik wou bijna ermee gaan stoppen toen er tijdens de hoosbui een fint bovenkwam, en nog één en daar drie, weer twee. Het ging helemaal los! Drijfnat stonden we de pilkers uit te werpen en weer binnen te spinnen. De ene naar de ander fint knalde op ons kunstaas of zijlijntjes. En dan is het moeilijk om te stoppen!

Met een eindstand van 15 tegen 17 en een meervoud verspeeld te hebben moesten we wel naar huis. We hadden allebei thuis nog wat gezin- en familieverplichtingen en de buit was lang en breed binnen.

Probeer volgend jaar ook eens te gaan fintvissen. Het is een redelijk makkelijke leuke afwisseling op de zoetwatervisserij.

Gertjan met enkele fint

Vang ze!

Mvg,

Gert-Jan Vermeij

Comments are closed.